Onder Gods genade.

greatest-commandments

Matthéüs 22: 37,38

  • En Jezus zeide…: Gij zult liefhebben den HEERE, uw God, met geheel uw hart, en met geheel uw ziel, en met geheel uw verstand.
  • Dit is het eerste en het grootste gebod.

Richt uw hart op God, en volgt wat Ezra voorgenomen had:

Ezra 7: 10

Want Ezra had zijn hart gericht, om de wet des HEEREN te zoeken en na te leven.,-

proverbs_356_kjv_dark_gray_print_mousepad

 

Matthéüs 6: 19-23

  • Vergadert u geen schatten op de aarde, waar de mot en de roest verderft, en waar de dieven doorgraven en stelen;
  • maar vergadert u schatten in den hemel, waar de mot en de roest ze niet bederft, en waar dieven niet doorgraven noch stelen;
  • want waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.
  • De kaars des lichaams is het oog; indien dan uw oog eenvoudig is, zo zal uw gehele lichaam verlicht wezen;
  • maar indien uw oog boos is, zo zal het gehele lichaam duisternis zijn. Indien dan het licht, dat in u is, duisternis is, hoe groot zal de duisternis dan zijn?

col3_2

De verschillende categorieën van de christenen:

Lukas 8: 11-15

  • Dit is nu de gelijkenis: Het zaad is het Woord Gods.
  • En die bij den weg bezaaid worden, zijn dezen, die horen; daarna komt de duivel, en neemt het Woord uit hun hart weg, opdat zij niet zouden geloven ( het Evangelie van het ontvangen van de Geest), en zalig worden.
  • En die tussen de steenrotsen bezaaid worden. zijn dezen, die, wanneer zij het gehoord hebben, het Woord met vreugde ontvangen; en dezen hebben geen wortel, die maar voor een tijd geloven, en in den tijd der verdrukking wijken zij af.
  • En dat tussen de doornen valt, zijn dezen, die gehoord hebben, en door de zorgvuldigheden en rijkdom ( materialisme) en wellusten des levens, zal het geloof verstikt raken, en volbrengt geen vrucht.
  • En dat in de goede aarde valt, zijn dezen, die, het Woord gehoord hebbende, hetzelve in een eerlijk en goed hart bewaren en doen, en in volstandigheid vruchten voortbrengen.

parable-of-the-sower

 

Matthéüs 22: 14

  • Want velen zijn geroepen, weinigen zijn uitverkoren.

Romeinen 6: 13-16

  • En stelt uw leden niet der zonde tot wapenen der ongerechtigheid; maar stelt uzelf God, als uit de dood levend geworden zijnde, en stelt uw leden God tot wapenen der gerechtigheid.
  • Want de zonde zal over u niet heersen; want gij zijt niet onder de wet, maar onder de genade.
  • Wat dan? Zullen wij dan zondigen, omdat wij niet meer onder de wet zijn, maar onder de genade? Dat zij verre.
  • Weet gij niet, dat, tot wie gij u tot dienstknechten stelt, gij die deze gehoorzaamt, of der zonde tot den dood, of der gehoorzaamheid tot gerechtigheid?

Filippenzen 3:  2,3, 14, 20,21

  • Ziet op de honden, ziet op de kwade arbeiders, ziet op de versnijding.
  • Want wij zijn de besnijding ( Rom. 3:29,30), wij, die God in den Geest dienen, en in Christus Jezus roemen, en niet op het vlees vertrouwen./
  • Maar één ding doe ik, vergetende, hetgeen achter is, en strekkende mij tot hetgeen voor is, jaag ik naar het wit, tot den prijs der roeping Gods, die van boven is in Christus Jezus./
  • Maar onze wandel is, in de hemelen, waaruit wij ook den Zaligmaker verwachten, namelijk den Heere Jezus Christus;
  • Die ons vernederd lichaam veranderen zal, opdat hetzelve gelijkvormig wordt aan Zijn heerlijkheid, naar de werking, waardoor Hij ook alle dingen Zichzelf kan onderwerpen.

3f9813c31a198bb8e6b4022afe6b6836

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *