De volheid in Christus:

Romeinen 12: 1,2

  • Ik bid u dan, broeders, door de ontferming van God, dat gij uw lichamen stelt tot een levende, heilige en Gods welbehaaglijke offer, welke is uw redelijke godsdienst.
  • En wordt deze wereld niet gelijkvormig; maar wordt veranderd door de vernieuwing van uw gemoed, opdat gij moogt beproeven, welke de goede, en welbehaaglijke  en volmaakte wil van God is.

Romeinen 6: 3,4

  • Of weet gij niet, dat zovelen als wij in Christus Jezus gedoopt zijn, wij in Zijn dood gedoopt zijn?
  • Wij zijn dan met Hem begraven, door de doop in den dood, opdat, gelijkerwijs Christus uit de doden opgewekt is tot de heerlijkheid van de Vader, alzo ook wij in de nieuwheid des levens wandelen zouden.

Kolossenzen 3: 1-5

  • Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen die van boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand van God.
  • Bedenkt de dingen, die van boven zijn, niet die van de aarde zijn.
  • Want gij zijt gestorven, en uw leven is met Christus verborgen in God.
  • Wanneer nu Christus zal geopenbaard zijn, Die ons leven is, dan zullen ook wij met Hem geopenbaard worden in heerlijkheid.
  • Doodt dan uw leden, die op aarde zijn, namelijk hoererij, onreinheid, schandelijke bewegingen, kwade begeerlijkheid, en de gierigheid, welke zijn de afgodendienst.

 

Efeze 4: 10-13

  • Die neergedaald is, is Dezelfde ook, Die opgevaren is ver boven al de hemelen, opdat Hij alle dingen vervullen zou.
  • En Dezelfde heeft gegeven sommigen tot apostelen, en sommigen tot profeten, en sommigen tot evangelisten, en sommigen tot herders en leraars;
  • tot de volmaking der heiligen, tot het werk der bediening, tot opwassing van het lichaam van Christus;
  • totdat wij allen zullen komen tot de eenheid van het geloof en van de kennis van de Zoon van God, tot een volkomen man, tot de maat van de grote der volheid van Christus;-

1 Korinthe 12: 29,30

  • Zijn zij allen apostelen? Zijn zij allen profeten? Zijn zij allen leraars? Zijn zij allen krachten?
  • Hebben zij allen de gaven der gezondmaking? Spreken zij allen met menigerlei talen?( Rom.8:26) Zijn zij allen uitleggers?                  ( 1 Kor.14:26-34,39)

Romeinen 12: 4-9

  • Want gelijk wij in één lichaam vele leden hebben, en de leden alle niet dezelfde werking hebben;
  • alzo zijn wij velen één lichaam in Christus, maar elkaars zijn wij elkanders leden.
  • Hebbende nu verscheidene gaven, naar de genade, die ons gegeven is,
  • zo laat ons die gaven besteden, hetzij profetie, naar de maat des geloofs; hetzij bediening, in het bedienen; hetzij die leert, in het leren;
  • hetzij die vermaant, in het vermanen; die uitdeelt, in eenvoudigheid; die een voorstander is, in naarstigheid; die barmhartigheid doet, in blijmoedigheid.
  • De liefde zij ongeveinsd. Hebt een afkeer van het boze, en hangt het goede aan.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *