Red uzelf, voor Gods toorn.

Zefánja 3: 1-5

– Wee de ijzige, en de bevlekte, van de verdrukte stad! Zij hoort naar de stem niet; zij neemt de tucht niet aan; zij vertrouwen niet op de HEERE; tot God naderen zij niet. De vorsten zijn brullende leeuwen in het midden van de stad; de rechters zijn wolven in de avond, die alleen maar kwellen. De profeten zijn lichtvaardig, alleen maar trouweloze mannen; de priesters verontreinigen het heilige, zij doen de wet van God geweld aan. De Rechtvaardige God is in het midden van de stad, HIJ doet geen onrecht; elke morgen geeft HIJ ZIJN recht in het licht, er ontbreekt niets; doch de verkeerde van verstand weten van geen schaamte.

Matthéüs 12:18/ Lukas 4:18,19

– Ziet, MIJN Knecht, Welke IK uitverkoren heb, MIJN Beminde, in Welke MIJN ziel een welbehagen heeft; IK zal MIJN Geest op Hem leggen, en Hij zal het oordeel aan de heidenen verkondigen./ De Geest van de HEERE is op Mij, daarom heeft HIJ Mij gezalfd; HIJ heeft Mij gezonden, om de armen van geest het Evangelie te verkondigen, om te genezen, die gebroken zijn van hart; om de gevangenen in zonde te prediken loslating, en de onwetende zicht te geven, om de verslagene heen te zenden in vrijheid; om te prediken het aangename jaar van de HEERE.

Handelingen 2:38,39/ Jesaja 31:6

– … Bekeert u, en een ieder van u wordt gedoopt in de Naam van Jezus Christus, tot vergeving van de zonden; en gij zult dan de gave van de Heilige Geest ontvangen. Want u komt de belofte toe, en uw kinderen, en allen die daar in de toekomst zijn, zovelen dat God, onze HEERE, ertoe roepen zal./ Bekeert u tot HEM, van WELKE de kinderen van Israël diep afgeweken zijn.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *