De aarde en de zee, in geestelijke zinnebeeld.

Matthéüs 13: 23

  • Die nu in de goede aarde bezaaid is, deze zijn degene die het Woord horen en verstaan, die ook vrucht dragen en voortbrengen, de een honderd-, de ander zestig-, en de andere dertigvoud.

Om in Gods gunst te zijn, moet men in de goede aarde bezaaid zijn. De goede aarde, is goed genoeg om de geestelijke vruchten aan te kweken.

Een tijd die aangebroken is, wanneer de aarde en de zee problemen krijgen, is alreeds nu. De aarde krijgt problemen, maar zijn er, ondanks de vele problemen, tegen bestand. Zij verkeren in Gods vrede, door Jezus Christus. Maar…..de goddelozen?

Jesaja 57: 20,21

  • Doch de goddelozen zijn als een voortgedreven zee, die niet rusten kan, en haar wateren werpen slijk en modder op.
  • De goddelozen, zegt mijn God, hebben geen vrede.

Degenen die in de goede aarde bezaaid zijn, hebben de Heilige Geest, en volgen Jezus Christus, om het Evangelie van Gods Koninkrijk te verkondigen. Zijn zijn het zout en het licht van de aarde.

 

De oprechten, vallen in Gods gunst.

Spreuken 28: 13,14

  • Wie zijn overtredingen bedekt, zal niet voorspoedig zijn; maar die ze bekent en laat, zal barmhartigheid verkrijgen.
  • Welgelukzalig is de mens, die voortdurend ontzag heeft voor God; maar die zijn hart blijft verharden, zal in het kwaad vervallen.

Psalm 15

  • HEERE, wie zal verkeren in UW tent? Wie zal wonen op de berg UWE heiligheid?
  • Die oprecht wandelt, en die gerechtigheid werkt, en die met zijn hart de waarheid spreekt; die met zijn tong niet achterklapt, zijn metgezel geen kwaad doet, en geen smaadrede tegen zijn naaste pleegt; in wiens ogen de verworpene veracht is, maar hij eert degenen, die voor de HEERE ontzag heeft; heeft hij gezworen tot zijn schade, evenwel verandert hij niet; die zijn geld niet geeft voor woeker, en geen geschenk neemt tegen de onschuldige. Die deze dingen doet, zal niet wankelen in eeuwigheid.

Filippenzen 1: 9-11

  • En dit bid ik God, dat uw liefde nog meer en meer overvloedig wordt in erkentenis en alle gevoelen; opdat gij beproeft de dingen, die daarvan verschillen, opdat gij oprecht zijt, en zonder aanstoot te geven, tot de dag van Christus; vervuld met vruchten van gerechtigheid, die door Jezus Christus zijn tot heerlijkheid en prijs van God.

 

Eén Lichaam, velen leden.

De ware Gemeente van Christus, is de ware kerk. Geen gebouw van materie, maar een geestelijk gebouw.

Handelingen 2: 38, 41-47

  • …Bekeert u, en een ieder van u wordt gedoopt in de Naam van Jezus Christus, tot vergeving van zonden; en gij zult de gave van de Heiligen Geestes ontvangen.-
  • Die dan het Woord gaarne aannamen, werden gedoopt; en er werden op die dag tot de eerste Gemeente toegedaan omtrent drieduizend zielen.
  • En zij waren volhardend in de leer van de Apostelen (Johannes 17:20,21), en in de gemeenschap, en in de breking van het brood, en in de gebeden.
  • En een ontzag kwam over alle ziel; en vele wonderen en tekenen geschiedde door de Apostelen.
  • En allen, die geloofden, waren bijeen, en hadden alle dingen gemeen; en zij verkochten hun goederen en have, en verdeelden deze aan een ieder die het van node had.
  • En dagelijks eendrachtig in de tempel volhardende, en van huis tot huis het brood brekende, aten zij tezamen met verheuging en eenvoudigheid van hart; en prezen God, en hadden genade bij het gehele volk. En de Heere deed dagelijks tot de Gemeente toekomen, die zalig werden.

Handelingen 4: 32

  • En de menigte van degenen, die geloofden, was één hart en ziel, en niemand zei, dat iets van hetgeen hij had, het hun eigen was, maar hadden alle dingen gemeen.

1 Korinthe 12: 12,13

  • Want gelijk het lichaam één is, en vele leden heeft, en al de leden van dit éne lichaam, vele zijnde, maar één lichaam zijn, alzo ook in Christus.
  • Want ook wij allen zijn door één Geest tot één Lichaam gedoopt; hetzij Joden, hetzij heidenen, hetzij slaven, hetzij vrijen; wij zijn allen tot één Geest gedrenkt.

 

De kracht van God, door Jezus Christus Naam.

Een verslag van Petrus die gevangen werd, en dat door gebed, hij vrijgelaten werd.

Handelingen 12: 5-16

  • Petrus dan werd in de gevangenis bewaard; maar door de Gemeente werd een gedurig gebed tot God voor hem gedaan.
  • Toen hem nu Heródes  zou voorbrengen, sliep Petrus die nacht tussen twee krijgslieden, gebonden met twee kettingen; en de wachters voor de deur wakende.
  • En ziet, een Engel van de HEEREN stond daar, en een groot licht scheen in die ruimte, en slaande de zijde van Petrus, wekte de Engel hem op, en zeggende: Sta haastig op. En zijn kettingen vielen af van zijn handen.
  • En de Engel zei tot Petrus: Omgord u, en bind uw schoenzolen aan. En hij deed alzo. En de Engel zei tot hem:  Werp uw mantel om, en volg mij.
  • En uitgaande volgde Petrus de Engel, en wist niet, dat het echt zo was, hetgeen door de Engel geschiedde, maar hij meende, dat het een visioen was.
  • En als zij door de eerste en de tweede wacht gegaan waren, kwamen zij aan de ijzeren poort, die naar de stad leidt; die vanzelf geopend werd. En uitgegaan zijnde, gingen zij een straat door, en terstond scheidde de Engel van Petrus.
  • En Petrus, tot bezinnen gekomen zijnde, zei tegen zichzelf: Nu weet ik waarachtig dat de HEERE ZIJN Engel uitgezonden heeft, en mij verlost heeft uit de hand van Heródes, en uit al de verwachting van het volk van de Joden.
  • En als hij alles overlegd had, ging hij naar het huis van Maria, de moeder van Johannes, die toegenaamd was Markus, alwaar velen samenvergaderd en biddende waren.
  • En wanneer Petrus aan de deur van de voorpoort klopte, kwam een dienstvrouw om te horen wie het was, met name Rhodé.
  • En wanneer zij de stem van Petrus herkende, deed zij de deur niet open van blijdschap, maar liep naar binnen en boodschapte, dat Petrus voor de voorpoort stond.
  • En zij antwoordde tot haar: Gij raast. Doch zij bleef er sterk van overtuigen, dat het zo was. En diegenen zei tot haar: Het is zijn Engel.
  • Maar Petrus bleef kloppen; en wanneer zij opengedaan hadden, zagen zij hem, en zij verbaasden zich.

Het gebed dat de Gemeente bad, kwam in vervulling. Maar toen zij vernamen dat het in vervulling was gegaan, waren ze verbaasd. Hoe kan dit? Het werkte wel, maar ze hadden blijkbaar niet verwacht dat Petrus bevrijd zou worden.

Het verslag over een hoofdman over honderd soldaten, van het Romeinse leger, hoe groot iemands geloof was. Dat Jezus Zich verwonderde, dat een heiden, alleen maar een woord nodig had van Jezus, dat zijn soldaat, die ziek was, genezen kon.-Matthéüs 8:5-13.

Wie geloofd, die vertrouwd erop dat het gebeurd. Dat is de kracht. Positief denken, dat men het ontvangen zal.

 

 

1 Petrus 4: 10,11

  • Een ieder, gelijk hij de gave ( van de Geest) ontvangen heeft, bediend zich alzo aan de ander ( in het Lichaam), als goede uitdelers van menige genade van God.
  • Indien iemand spreekt, die spreekt als de woorden van God; indien iemand dient, die dient als uit de kracht, die God verleent; opdat God in allen geprezen wordt door Jezus Christus, WELKE toekomt de heerlijkheid en de kracht, in alle eeuwigheid. Amen.

 

 

Hoe God rechtvaardigheid ziet.

Romeinen 7: 14-16

  • Want wij weten, dat de wet geestelijk is, maar ik ben vleselijk, verkocht onder de zonde.
  • Want hetgeen ik doe, dat begrijp ik niet, maar hetgeen ik wil, dat doe ik niet, maar hetgeen ik haat, dat doe ik.
  • En indien ik hetgeen doet, wat ik niet wil, zo stem ik de wet toe, dat zij goed is.

Conclusie van Paulus:

Romeinen 7: 24,25

Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen van het lichaam die dood gaat? Ik dank God, door Jezus Christus, onze Heere.

Paulus wist dat zijn vlees niet gered kon worden, maar door Gods genade kan hij een eeuwig geestelijk leven beërven, door in de Geest te wandelen.

De farizeeër en de tollenaar:

Lukas 18: 9

  • Jezus had gezegd tot sommigen, die bij zichzelf vertrouwde, dat zij rechtvaardig waren, en de anderen als minder achtte, deze gelijkenis:
Twee mensen gingen op in de tempel om te bidden, de een was een farizeeër, en de andere een tollenaar.

Vers 11-14

  • De farizeeër, staande, bad dit bij zichzelf: O God! ik dank U, dat ik niet ben gelijk de andere mensen: rovers, onrechtvaardigen, overspelers; of ook gelijk deze tollenaar.
  • Ik vast twee maal per week; ik geef tiende van alles, wat ik bezit.
  • En de tollenaar, van ver staande, wilde zelfs niet zijn ogen opheffen naar de hemel, maar sloeg op zijn borst, zeggende: O God! wees mij zondaar genadig!
  • Ik zeg u: Deze tollenaar ging af rechtvaardiger naar huis, meer dan de farizeeër; want een ieder, die zichzelf verhoogt, zal vernederd worden, en wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden.

Niemand is dus rechtvaardig, wanneer men denkt rechtvaardig te doen. Wie de Geest van God heeft, door de tekenen van de gelovigen, strijdt voortdurend tegen de wil van het vlees. Door deze strijd te strijden, ziet God hoe die persoon werkt.

 

De betekenis van ;

De betekenis van ;

;   Is om kracht bij te geven voor hetgeen ervoor geschreven is.

Degenen die deze wil van God volgen, door als volwassene gedoopt te worden, in Gods Zoons Naam, zullen vergeving krijgen van zonden. Om ; achter deze stap van geloof te geloven, zullen ongetwijfeld de Heilige Geest ontvangen, met de gave van Deze Geest. ( Markus 16: 16-18 geeft aan deze gave, die de gelovigen volgen)

 

Uw naaste in de HEERE liefhebben.

Spreuken 6: 16-19 geeft aan dat God ons vermaand, dat wij onze naaste geen kwaad doen. Wie zijn naaste liefheeft, doet deze zaken niet.

Matthéüs 22: 37-39

  • En Jezus zei…: Gij zult liefhebben de HEERE, uw God, met geheel uw hart, en met geheel uw ziel ( levenskracht), en met geheel uw verstand.
  • Dit is het eerste en het grote gebod.
  • En het tweede aan dit gelijk, is: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf.

Efeze 4: 21-25

  • -; indien gij naar Hem gehoord hebt, en door Hem geleerd zijt, gelijk de waarheid in Jezus is; te weten dat gij zoudt afleggen, aangaande de vorige wandel, de oude mens, die verdorven wordt door de begeerlijkheden van de verleidingen; en dat gij zoudt vernieuwd worden in de geest van uw gemoed, en de nieuwe mens aandoen, die naar God geschapen is in ware rechtvaardigheid en heiligheid.
  • Daarom legt af de leugen, en spreekt de waarheid, een ieder met zijn naaste, want wij zijn elkanders leden.

Filippenzen 2: 13-15

  • Het is God, DIE in u werkt beide het willen en het werken, naar ZIJN welbehagen.
  • Doet alle dingen zonder murmureren en tegenspreken; opdat gij moogt onberispelijk en oprecht zijn, kinderen van God zijnde, onstraffelijk in het midden van een krom en verdraaid geslacht, onder welke gij schijnt als lichten in de wereld;-

Jezus Christus geeft ons raad:

 

Afgoderijen.

1 Petrus 1: 25/ 2: 1-5

  • Het Woord van de HEEREN blijft in de eeuwigheid; en dit is het Woord, dat onder u verkondigd is.-
  • Zo legt dan af alle kwaadheid, en alle bedrog, en geveinsdheid, en nijdigheid, en alle achterklap; en, als nieuwgeboren kinderen, zijt zeer begerig naar de onvervalste melk, opdat gij door deze moogt opwassen; indien gij anders gesmaakt hebt, dat de Heere Jezus Christus goedertieren is.
  • Tot Degene komende, als tot een Levende Steen, van de mensen wel verworpen, maar bij God uitverkoren, en dierbaar; zo wordt gij ook zelf, als levende stenen, gebouwd tot een geestelijk huis, tot een heilig priesterdom, om geestelijke offers te offeren, die God aangenaam is door Jezus Christus.

Psalm 115: 1-8

  • Niet ons, o HEERE! niet ons, maar UW Naam geef eer, om UWE goedertierenheid, om UWE wil van waarheid.
  • Waarom zouden de heidenen zeggen: Waar is nu hun God?
  • Onze God is toch in de hemelen, HIJ doet al wat HEM behaagt.
  • Hun afgoden zijn zilver en goud, het werk van mensenhanden; zij hebben een mond, maar spreken niet; zij hebben ogen, maar zien niets; oren hebben zij, maar horen niets; zij hebben een neus, maar zij ruiken niets; hun handen die zij hebben, tasten niet; hun voeten hebben zij, maar wandelen niet; zij geven geen geluid uit hun keel.
  • Dat degene die hen maken, gelijk worden als hen die erop vertrouwen.

1 Johannes 5:21/ Kolossenzen 3: 5

  • Kinderen ( van God), bewaart uzelf van de afgoden. Amen./
  • Doodt dan uw leden, die op aarde zijn, namelijk immoraliteit, onreinheid, schandelijk gedrag, boze begeerlijkheden, en de gierigheid, welke is afgodendienst.

 

Jezus spreekt door Heilige Geest.

1 Korinthe 12: 3b-15

  • …niemand kan zeggen, Jezus de Heere te zijn, dan door de Heilige Geest
  • En er is verscheidenheid der gaven, doch het is Dezelfde Geest; en er is verscheidenheid van bediening, en het is Dezelfde HEERE; en er is verscheidenheid van werkingen, doch het is Dezelfde God, DIE alles in allen werkt.
  • Maar aan een ieder wordt de openbaring des Geestes gegeven tot hetgeen oorbaar is.

Johannes 3: 5/ Johannes 16: 13-15

  • Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Zo iemand niet geboren wordt uit water en Geest, hij kan in het Koninkrijk Gods niet ingaan./

  • Maar wanneer Die zal gekomen zijn, namelijk de Geest van de Waarheid, Hij zal u in al de waarheid leiden; want Hij zal van Zichzelf niet spreken, maar zo wat Hij zal gehoord hebben, zal Hij spreken, en de toekomstige dingen zal Hij u verkondigen.
  • Die zal Mij verheerlijken; want Hij zal het uit het Mijne nemen, en zal het u verkondigen.
  • Al wat de Vader heeft, is Mijn; daarom heb Ik gezegd, dat de Geest het uit het Mijne zal nemen, en het u verkondigen.

Dus, wie de Geest van God heeft ( door de tekenen der gelovigen – Markus 16:16-18), kan alleen de waarheid verkondigen. Degenen die zeggen de Heilige Geest te hebben, maar niet hebben ( die niet de tekenen der gelovigen hebben), kunnen wel door de Naam van Jezus Christus duivelen uitwerpen ( de Naam van Jezus Christus is een krachtige Naam). Maar Jezus zal hen niet kennen, omdat zij de Heilige Geest niet hebben.

Dit is Gods wil:

Ezechiël 3: 18

  • Als IK tot de goddeloze zeg: Gij zult de dood sterven, en gij waarschuwt hem niet, en spreekt niet, om de goddeloze van zijn goddeloze weg te waarschuwen, opdat gij hem in het leven behoudt; die goddeloze zal in zijn ongerechtigheid sterven, maar zijn bloed zal IK van uw hand eisen.

Ezechiël 3: 19

  • Doch als gij de goddeloze waarschuwt, en hij bekeert zich niet van zijn goddeloosheid en van zijn goddeloze weg, hij zal in zijn ongerechtigheid sterven; maar gij hebt uw ziel bevrijd.

Jezus Christus is gekomen op aarde, om Zijn leven te stellen voor de zonde van de wereld, om te verkondigen, dat door Hem mensen behouden kunnen worden van Gods toorn. Zo horen christenen dat ook te doen, na het voorbeeld van Jezus. Het is een gebod, die Jezus aan ons geeft, omdat Jezus het van de Vader gekregen heeft.

Ezechiël 3: 20

  • Als ook een rechtvaardige zich van zijn gerechtigheid afdwaalt, en onrecht doet, en IK een aanstoot voor zijn aangezicht leg, hij zal sterven; omdat gij hem niet gewaarschuwd hebt, zal hij in zijn zonde sterven, en zijn gerechtigheid, die hij gedaan heeft, zullen niet meer gedacht worden; maar zijn bloed zal IK van uw hand eisen.

Ezechiël 3: 21

  • Doch als gij de rechtvaardige waarschuwt, opdat de rechtvaardige niet zondigt, en hij niet meer die zonde doet; hij zal zeker leven, omdat gij hem gewaarschuwd heeft; en gij hebt uw ziel bevrijd.