Kuisheid en gehoorzaamheid.

Titus 2:1-6

– Doch gij, spreek hetgeen de gezonde leer betaamt.

– Dat de oudere mannen nuchter zijn, stemmig, voorzichtig, gezond in het geloof, in de liefde, in de lijdzaamheid.

– De oudere vrouwen insgelijks, dat zij in haar dracht zijn [ niet in onthullende kleding], gelijk de heilige betaamt, dat zij geen lasteressen zijn [ geen achterklap], zich niet tot overmatig wijn begevende, maar een goede getuigen zijn van het goede; opdat zij de jonge vrouwen leren voorzichtig te zijn, haar man lief te hebben, haar kinderen lief te hebben; matig zijn, kuis te zijn, haar huis te regeren, goed te zijn, haar man onderdanig te zijn, opdat het Woord Gods niet gelasterd wordt.

– Vermaand de jonge mannen insgelijks, dat zij matig zijn.

1 Petrus 3:1-4

– …gij vrouwen, zijt uw eigen mannen onderdanig; opdat ook, zo enige het Woord ongehoorzaam zijn, zij door de rechte wandel van andere vrouwen mogen gewonnen worden; als zij zullen ingezien hebben hare kuisen wandel in ontzag.

– Welke versiersel zij, niet wat het uiterlijk is, bestaande in vlechten van het haar, met versiersel van goud, of van onthullende kleding; maar het verborgen versiersel van het hart, in onverderfelijkheid van een zachtmoedige en stille geest, die kostelijk is voor God.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *