Gods wil is dat niemand verloren gaat.

Wie geloofd, vertrouwd op God. Wie HEM niet geloofd, doet zeker één van de dingen die God haat.

Spreuken 6:16-19

  • Deze zes haat de HEERE;ja, zeven zijn ZIJN ziel een gruwel:
  • Hoge ogen ( hoogmoed, graag in de belangstelling wezen, trots), een valse tong ( slechte dingen over een ander vertellen om er zelf beter van te worden), handen, die onschuldig bloed vergieten (zachtmoedigen uit de weg ruimen); een hart, dat ondeugdzame gedachten smeedt (jaloers zijn op een ander, in begeerte naar een ander loeren voor lust); voeten die zich haasten, om tot kwaad te lopen ( hebzuchtige drang); een valse tong, die leugens blaast (niet kunnen toegeven, om de waarheid te spreken, egocentrische eigendunk om in een goede positie te komen); en die tussen broeders krakelen inwerpt ( tweedracht zaaien, onrechtvaardig partij kiezen).

Johannes 3:18-20

  • Wie in Jezus gelooft, wordt niet veroordeeld, maar die niet gelooft, is alreeds veroordeeld, omdat hij niet heeft geloofd in de Naam van de eerstgeboren Zoon van God.
  • Dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is, en de mensen hebben de duisternis liever gehad dan het licht ( ze kunnen de wereld niet loslaten); want hun werken waren ( en zijn) boos.
  • Want een ieder, die kwaad doet, haat het licht, en komt tot het licht niet, opdat zijn werken niet bestraft worden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *