Rein of onrein.

En een Stem geschiedde opnieuw voor de tweede keer tot Petrus: Hetgeen God gereinigd heeft, zult gij niet onzuiver maken. -Handelingen 10:15

Romeinen 14:11-14

  • Er is Geschreven: IK leef, zegt de HEERE; voor MIJ zal alle knie zich buigen, en alle tong zal God belijden.
  • Zo zal dan een ieder van ons zich voor God rekenschap moeten afleggen.
  • Laat ons dan elkaar niet meer oordelen; maar oordeelt dit liever, namelijk, dat gij de broeder geen aanstoot of ergernis geeft.
  • Ik weet en ben verzekerd in de Heere Jezus, dat geen ding onrein is in zichzelf; dan dat degene acht iets onrein te zijn, dat is onrein.

Ieder persoonlijk is dat men moet accepteren wat van een ander rein is of onrein, maar ieder voor zich.

Een andere visie van onrein is:

2 Korinthe 6:14-18/7:1

  • Trekt niet een andere juk aan (dan alleen die van Jezus) met de ongelovigen; want welk deel heeft de gerechtigheid met de ongerechtigheid, en welk gemeenschap heeft het licht met de duisternis?
  • En welk samenvoeging heeft Christus met satan, of welk deel heeft de gelovige met de ongelovige?
  • Of welk samenvoeging heeft de tempel van God met de afgoden? Want gij zijt de tempel van de levende God; gelijkerwijs God gezegd heeft: IK zal in hen wonen, en IK zal onder hen wandelen; en IK zal hun God zijn, en zij zullen MIJ een volk zijn.
  • Daarom gaat uit het midden van hen (Openb.18:4), en scheidt u af, zegt de HEERE, en raakt niet aan hetgeen onrein is, en IK zal u lieden aannemen.
  • En IK zal u tot een Vader zijn, en gij zult MIJ tot zonen en dochters zijn, zegt de HEERE, de Almachtige.
  • Daar wij dan deze belofte hebben, geliefden, laat ons onszelf reinigen van alle besmettingen van de vleselijke wandel en van de geest, voleindigen de heiligmaking in respect voor het ontzag van God.

De christelijke vrijheid:

Alle dingen zijn geoorloofd, maar alle dingen zijn niet deugdelijk; alle dingen zijn geoorloofd, maar alle dingen bouwen niet op. -1 Kor.10:23

Galaten 5:13

  • Want gij zijt tot vrijheid geroepen, broeders, alleen gebruikt de vrijheid niet tot een oorzaak voor het vlees; maar dient elkaar door de liefde.

Want alzo is het de wil van God, dat gij, eraan goed doet, de mond stopt van de onwetendheid van dwaze mensen; als vrije, en niet de vrijheid hebbende als een deksel van de boosheid, maar als dienstknechten van God. -1 Petrus 2:15,16

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *