Een dienstknecht zijnde.

Een discipel staat niet boven de meester, ook niet een dienstknecht boven zijn heer. Het is de discipel genoeg, dat hij wordt gelijk zijn heer.- Matt.10:24,25a

Matthéüs 24:45-51

  • Wie is dan de getrouwe en voorzichtige dienstknecht, welke zijn heer over zijn dienstboden gesteld heeft, om hun, hun voedsel te geven op de juiste tijd?
  • Zalig is die dienstknecht, welke zijn heer, komende, zal vinden dat doende.
  • Voorwaar, Ik zeg u, dat hij hem zal zetten over al zijn goederen.
  • Maar wanneer die dienstknecht in zijn hart zou zeggen: mijn heer vertoeft te komen; en zou beginnen zijn mededienstknechten te slaan, en te eten en drinken met de dronkaards; zo zal de heer van deze dienstknecht komen op een dag, wanneer hij het niet verwacht, en op het uur, dat hij niet weet; en zal hem afscheiden (Matt.25:31-33), en zijn deel zetten met de geveinsden (Matt.25:41); daar zal zijn grote verdriet en grote teleurstelling.
Gelijk de Zoon niet gekomen is om gediend te worden, maar om te dienen, en Zijn ziel te geven tot een loskoopoffer voor velen.- Matt.20:27

Johannes 8:34-36

  • Jezus antwoordde hun: een ieder, die de zonde doet, is een dienstknecht van de ongerechtigheid.
  • En de dienstknecht blijft niet eeuwig in het huis, de zoon blijft er eeuwig.
  • Indien dan de Zoon u vrijgemaakt zal hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn.
Wie in de HEERE geroepen is, een dienstknecht zijnde, die is een vrijgelaten van de HEERE; desgelijks ook, die vrij zijnde is geroepen, die is een dienstknecht van Christus.- 1 Kor.7:22

Johannes 15:14-16

  • Gij zijt Mijn vrienden, zo gij doet wat Ik u gebied.
  • Ik noem u niet meer dienstknechten; want een dienstknecht weet niet, wat zijn heer doet; maar Ik heb u vrienden genoemd; want al wat Ik van Mijn Vader gehoord heb, dat heb Ik u bekend gemaakt.
  • Gij hebt Mij niet uitverkoren, maar Ik heb u uitverkoren, en Ik heb u gesteld, dat gij zoudt heengaan en vrucht dragen, en dat uw vrucht blijft, opdat, zo wat gij van de Vader vraagt in Mijn Naam, HIJ u dat geven zal.
Predik ik nu de mensen, of God? Of zoek ik mensen te behagen? Want indien ik nog mensen behaagde, zo ben ik geen dienstknecht van Christus.- Gal.1:10

2 Timothéüs 2:24-26

  • En een dienstknecht van de HEERE moet niet twisten, maar vriendelijk zijn jegens allen, bekwaam om te leren, en die de bozen kan verdragen; met zachtmoedigheid lerende degenen, die tegenstaan; of God hun te bekwame tijd bekering geeft tot erkenning van de waarheid; en zij opnieuw ontwaken mogen uit de strik van satan, onder welke zij gevangen waren tot zijn wil.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *