Gods Gemeente, ZIJN oogappel.

1 Korinthe 12:1-7

  • En van de geestelijke gaven, broeders, wil ik niet, dat gij onwetende zijt.
  • Gij weet, dat gij heidens waart, tot de stomme afgoden heengetrokken, naar waar gij geleid werd.
  • Daarom maak ik u bekend, dat niemand, die door de Geest van God spreekt, Jezus een vervloeking noemt; en niemand kan zeggen, Jezus de Heere te zijn, dan door de Heilige Geest.
  • En er is een verscheidenheid van gaven, doch het is Dezelfde Geest; en er is een verscheidenheid van bedieningen, en het is Dezelfde Heere; en er is een verscheidenheid van werken, doch het is DEZELFDE God, DIE alles in allen werkt.
  • Maar aan een ieder wordt de openbaring van de Geest gegeven tot hetgeen naar behoren is.

Een Gemeente van God, die het zuiver houdt, is naar Gods wil. Wie Gods wil op een zijspoor zet, om alleen maar te zeggen dat God goed is en genadig, en iedereen binnenlaat, komt op het laatst achter dat hun eigenwijsheid de Gemeente verzuurd heeft.

1 Korinthe 5:6-8

  • Uw roem is niet goed. Weet gij niet, dat een weinig zuurdesem het gehele deeg zuur maakt?
  • Zuivert dan de oude zuurdesem uit, opdat gij een nieuw deeg zijn moogt, gelijk gij ongezuurd zijt. Want ook ons Pascha is voor ons geslacht, namelijk Christus.
  • Zo dan laat ons feest houden, niet in de oude zuurdesem, ook niet in de zuurdesem van het kwade en de boze, maar in de ongezuurde broden van oprechtheid en de waarheid.

Jezus gaf ons een figuurlijk voorbeeld om Zijn vlees te eten en Zijn bloed te drinken (Joh.6:53-56). Betekent dit dan, dat Zijn vlees en bloed zuur was? Moeten wij het Avondmaal in gezuurde symbolen eten? Was het Avondmaal niet op het Pascha ingesteld door Jezus, het feest van wat alles ongezuurd was?

Een goed functionerende Gemeente van God, daar hoort het Avondmaal bij (1 Kor.11:24,25), de gaven van de Geest, en de profetieën (1 Kor.14), dat iedereen de Heilige Geest heeft (Joh.3:5/Hand.2:38) met de tekenen van de gelovigen (Mark.16:17,18).

1 Korinthe 14:1,26-31

  • Jaagt de liefde na, en ijvert om de geestelijke gaven, maar meest, dat gij moogt profeteren.-
  • Wat is het dan, broeders? wanneer gij samenkomt, een ieder van u, heeft hij een psalm, heeft hij een leer, heeft hij een tongentaal, heeft hij een openbaring, heeft hij een uitlegging (van de tongentaal), laat alle dingen geschieden tot lering; en zo iemand een tongentaal spreekt, dat het door twee, of ten meeste drie geschiedt, en op hun beurt, en dat één daarna het uitlegt op zijn beurt.
  • Maar indien er geen uitlegger is, dat hij zwijgt in de Gemeente; doch dat hij in zichzelf spreekt, en tot God.
  • En dat twee of drie profeten spreken op hun beurt, en dat anderen in hunzelf oordelen wat er gezegd wordt.
  • Doch indien een ander, die er zit, iets geopenbaard is, dat de eerste zwijgt.(laat elkaar voorgaan)
  • Want gij kunt allen, de een na de ander profeteren, opdat zij allen leren, en allen getroost worden.

[ deze goed functionerende Gemeente van God, zijn de Revival Fellowship Centres en tot dusver de Getuigen van Jezus]

1 Korinthe 14:39,40

  • Zo dan, broeders, ijvert om te profeteren, en verhindert niet in de tongentaal te spreken.
  • Laat alle dingen eerlijk en met orde geschieden.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *