Ongepast de vrijheid gebruiken.

Lukas 4:14-19

  • Jezus keerde in de kracht van de Geest terug naar Galiléa.
  • En de roep over Hem ging uit door de gehele streek. En Hij leerde in hun synagogen en werd door allen geprezen.
  • En Hij kwam te Nazareth, waar Hij opgevoed was, en Hij ging volgens Zijn gewoonte op de Sabbath naar de synagoge en stond op om voor te lezen.
  • En Hem werd het boek van de profeet Jesaja ter hand gesteld en toen Hij het boek geopend had, vond Hij de plaats, waar geschreven is:
  • De Geest van de HEEREN is op Mij, daarom, dat HIJ Mij Gezalfd heeft, om aan de armen van geest het Evangelie te brengen, en HIJ heeft Mij gezonden om aan de gevangenen in zonden loslating te verkondigen en aan de blinden van het Woord het herkenbaarheid te schenken, om de gebrokenen van hart heen te zenden in vrijheid, om te verkondigen het aangename jaar van de HEERE God.

De vrijheid waar God het over heeft, is niet de vrijheid die wij in vleselijke natuur kunnen blijven volgen. Het gaat over de vrijheid van de liefde Gods. Dezelfde liefde die Jezus Christus ons heeft geleerd, om mensen tot God te brengen, en niet aan onszelf te denken.- Markus 16:15

Galaten 5:1,4,5

  • Staat dan in de vrijheid, die Christus ons vrijgemaakt heeft. Houdt dus stand en laat u niet wederom een slavenjuk opleggen.-
  • Gij zijt niet van Christus, als gij u door de wet gerechtigheid verwacht, dan staat u buiten de genade.
  • Wij immers verwachten door de Geest uit het geloof de gerechtigheid, waarop wij hopen.

2 Petrus 2:17-20 ( laat u niet verleiden door degenen, die zeggen dat de vrijheid is wat je maar kan doen)

  • Deze zijn waterloze bronnen, nevel door de wind voortgedreven, voor wie de donkerste duisternis is weggelegd.
  • Want met holle, hoogdravende klanken verlokken zij door hun vleselijke begeerten en door hun bandeloosheid, die zich ternauwernood aan degenen, die in dwaling verkeren, onttrekken.
  • Vrijheid spiegelen zij hun voor, hoewel zij zelf slaven zijn van het verderf; immers, door wie iemand overmeesterd is, die slaaf is hij.

Hoereerder = onnatuurlijke, overspelige, ontuchtelijke.

Gierigaard = hebzuchtig, ik,ik en de rest kan stikken.

Afgodendienaar = hebzucht, idolisme, hoogmoed.

Lasteraar = het Woord van God scheef wandelen, leugens, tweedracht, afgoderij, hebzucht, hoererij, een andere leer verkondigen buiten die van Christus.

1 Petrus 5:8

Wordt nuchter en waakzaam. Uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een brullende leeuw, zoekende wie hij zal verslinden.

Wie de vrijheid bedrijft voor vleselijke doeleinden, zijn niet van God, maar zijn van de duivel. 1 Johannes 4:5,6 geeft u meer inzicht!