De straf voor zonden.

Jesaja 53:10,11

  • Het behaagde de HEERE Hem te verbrijzelen, HIJ maakte Hem ziek van pijn. Wanneer Hij Zichzelf ten slachtoffer gesteld zal hebben en het voornemen van de HEERE HEEREN zal door Zijn hand voortgang hebben.
  • Om Zijn moeitevol lijden zal Hij het zien tot bevrediging toe, door Zijn kennis zal MIJN Knecht, de Rechtvaardige, velen rechtvaardig maken, en hun ongerechtigheden zal Hij dragen.

Dit heeft onze Heere Jezus Christus ondergaan, de straf van de martelpaal en het lijden aan het kruis, tot Hij stierf van deze pijn, voor ons! Ja, Hij deed dat voor ons! Hij heeft God gehoorzaamd, dat Hij deze straf voor ons heeft ingelost.

Maar wat leert velen kerken? Dat de ziel die zondigt de vurige hel ingaan, om voor eeuwig gefolterd te worden.

Echter is deze visie niet vanuit God, het komt van de Grieken en Romeinen, die wel in een leven in de dood geloofden, het Hades!

Ezechiël 18 vers 4 zegt nadrukkelijk dat de ziel die zondigt zal sterven.

Er staat niet, dat de ziel die zondigt, in leven blijft om voor eeuwig gefolterd te worden?

Nog een definitie?

Lukas 16:19-26 verteld ons dat de rijke man hevige pijnen lijdt in vuur.

Vele kerken houden zich vast aan het verhaal van Lazarus en de rijke man. Echter is dit verhaal niet werkelijkheid, maar heeft een begrip nodig met geestelijke vermogen, dat het als voorbeeld dient. Dat, als iemand uit de dood zou komen op te staan, hij dat zou vertellen, maar zal door niemand geloofd worden.

In Prediker 9 vers 5 staat, dat niemand in het graf een bewustzijn heeft. Als kerken dan zeggen van wel, dat zouden zij God als leugenaar uitmaken!

Hoe heeft Jezus Christus dan de pijn ondergaan voor onze zonden? Door verbrand te worden?

Is het niet logisch te redeneren, dat Jezus Christus ons veel pijn bespaard heeft, om geslagen te worden, voor onze zonden, en niet door verbrand te worden?

Nog een hard bewijs tegen de nonsens van de dwaalleer van vele kerken, is dat de eerste adamitische dood en het dodenrijk (hel, Hades, sjeool), in de tweede alom vernietigende dood worden geworpen. Hoe kan dan begrepen worden dat een toestand, die geen persoon is, in de tweede dood geworpen wordt?

Wie de valse leer blijft prediken, dat de mens in zonden voor eeuwig gefolterd wordt in zijn dood of erna, zijn in de geest der dwaling gekomen, en hun straf zal in de tweede dood uitkomen, wat zij zichzelf aangedaan hebben, en ook anderen dit blijven verkondigen, gaan ook. Want zij zijn leugenaars!

Openbaring 21:8

  • Maar de lafhartigen, de ongelovigen, de verfoeilijken, de moordenaars, de hoereerders, de tovenaars, de afgodendienaars en alle soorten van leugenaars, hun deel is in de poel, die daar brandt van vuur en zwavel: dit is de tweede dood.

Wie dus niet geheel aan de bijbel, Gods brief aan mensen, houdt, en dingen op een ander wijze bestempeld en navolgd, die zal door God geen genade krijgen.- Matthéüs 5:19/ Openbaring 22:18,19.

De belangrijkste in Gods Gemeente!

Mattheüs 18:3,4

  • Jezus riep een kind tot Zich, plaatste dat in hun midden, en zeide: voorwaar, Ik zeg u, wanneer gij u niet bekeert en wordt als de kinderen, zult gij het Koninkrijk van de hemelen voorzeker niet binnengaan.
  • Wie nu zichzelf gering zal achten als dit kind, die is de grootste in het Koninkrijk van de hemelen.

Mattheüs 23:10-12

  • Laat u ook geen leidslieden noemen, want Een is uw Leidsman, de Christus.
  • Maar wie de grootste onder u is, zal uw dienaar zijn.
  • Al wie zich zelf zal verhogen, zal vernederd worden en al wie zichzelf zal vernederen, zal verhoogd worden.

Jakobus 2:1-4

  • Mijn broeders, houdt uw geloof in onze Heere der heerlijkheid, Jezus Christus, vrij van aanzien des persoons.
  • Want stel, er kwam ik uw vergadering een man binnen met een gouden ring aan zijn vinger en in prachtige kleding, en er kwam ook een arme man binnen in schamele kleding, en gij zoudt opzien tegen de man met de prachtige kleding en zeggen: neem gij hier deze goede plaats, maar tot de arme man zoudt gij zeggen: ga gij daar staan, of ga beneden bij mijn voetbank zitten, zoudt gij dan geen onderscheid maken onder elkander en optreden als rechters, die zich door verkeerde overwegingen laten leiden?

Liefde in waar geloof

.

‘Al ware het, dat ik de talen der mensen en der engelen sprak, en de liefde niet had, zo ware ik een klinkend metaal, of luidende schel geworden. En al ware het dat ik de gave der profetie had, en wist al de verborgenheden en al de wetenschap; en al ware het, dat ik al het geloof had, zodat ik bergen verzette, en de liefde niet had, zo ware ik niets. En al ware het, dat ik al mijn goederen tot onderhoud der armen uitdeelde, en al ware het, dat ik mijn lichaam overgaf, opdat ik verbrand zou worden, en had de liefde niet, zo zou het mij geen nuttigheid geven. De liefde is lankmoedig, zij is goedertieren; de liefde is niet afgunstig; de liefde handelt niet lichtvaardiglijk, zij is niet opgeblazen; Zij handelt niet ongeschiktelijk, zij zoekt zichzelve niet, zij wordt niet verbitterd, zij denkt geen kwaad; Zij verblijdt zich niet in de ongerechtigheid, maar zij verblijdt zich in de waarheid; Zij bedekt alle dingen, zij gelooft alle dingen, zij hoopt alle dingen, zij verdraagt alle dingen. De liefde vergaat nimmermeer; maar hetzij profetieen, zij zullen te niet gedaan worden; hetzij talen, zij zullen ophouden; hetzij kennis, zij zal te niet gedaan worden.’
‭‭1 Corinthiërs‬ ‭13:1-8‬ ‭

Zonder geloof is geen liefde, zonder liefde is geen geloof.

De weder geboren mens, die vervuld is met de Geest Gods, kent de liefde.
Hoe kent hij de liefde?
Door de liefde die hem vervuld door de Geest Gods.

Mensen, die Het uiterlijke doen, met woord en daad, en geen liefde hebben, vallen hier mee door de mand. Het zijn holle vaten niet gevuld. Ze klinken hard, over schreeuwen de ander, om zo te laten lijken dat ze het zo goed doen en weten. Het zijn wit gekalkte graven.

De met Geest vervulde mens, die pronkt niet met zich zelf. Schreeuwt niet of spreekt niet door een ander heen. Hij zit niet demonstratief voor aan in een kerk, laat niet zien, hoe goed hij wel is. Overschaduwd een ander niet door grootheidswaanzin. Hij doet, wat God van hem verwacht, in liefde en nederigheid. Hij is onder geschikt aan de ander, zoals Jezus voor ons leed en stierf, zo zal ook hij het doen voor God. Hij zal het recht doen in plaats van onrecht. Hij zal eerlijkheid doen, in plaats van leugen. Hij zal liefde geven, in plaats van vragen. Haat zal hij om buigen in liefde. Zijn naaste hoger achten, dan zich zelf. God meer gehoorzamen als de koning, baas of zijn geliefde man of vrouw.
Zijn kennis van God, krijgt hij niet uit een boek, maar de Geest Gods, leert hem wat nodig heeft.

Een ieder, die dit niet doet en na leeft, kent God niet, zoals de Geest vervulde God kent.

Hamba Tuhan

Wij zijn een schouwspel.

Wanneer wij de wil van God, volgen, zoals Jezus Christus ons dat heeft vooruit gestippeld? Dan gaan we opvallen voor degenen die niet met God wandelen!

Jezus Christus is ook vervolgd, net als alle profeten die naar Gods wil, ZIJN woorden aan mensen profeteerde.

Psalm 38:16-21

  • Want op U, HEERE, hoop ik, GIJ immers zult antwoorden, HEERE, mijn God.
  • Want ik dacht: als zij zich maar niet over mij verheugen, niet tegen mij snoeven bij het wankelen van mijn voet.
  • Ja, ik dreig te struikelen, en mijn smart staat mij bestendig voor ogen, want ik belijd mijn ongerechtigheid, ik ben bekommerd vanwege mijn zonde.
  • Mijn vijanden echter leven, zij zijn machtig, talrijk zijn zij, die mij trouweloos haten, zij, die mij kwaad voor goed vergelden en mij weerstaan, omdat ik het goede najaag.

Gelijk als de eerste apostelen zullen wij ook streven naar de beste gaven. Dat ligt aan een ieder voor zich, we kunnen het allemaal zijn, maar niet tegelijk!

1 Korinthe 4:9-16

  • Want het schijnt mij toe, dat God ons, apostelen, de laagste plaats heeft aangewezen als ten dode veroordeelden, want wij zijn een schouwspel geworden voor de wereld, voor engelen en mensen.
  • Wij zijn dwaas om Christus’ wil, maar gij zijt verstandig in Christus, wij zijn zwak, maar gij zijt sterk, gij zijt in aanzien, maar wij zijn niet in ere.
  • Tot op dit ogenblik verduren wij honger, dorst, naaktheid, vuistslagen en een zwervend leven, wij verrichten zware handarbeid; worden gescholden, wij zegenen, worden wij vervolgd, wij verdragen, worden wij gelasterd, wij blijven vriendelijk; wij zijn als uitvaagsels van de wereld geworden, als aller voetveeg, tot op dit ogenblik toe.
  • Dit schrijf ik niet om u beschaamd te maken, maar om u als mijn geliefde kinderen terecht te wijzen.
  • Want al hadt gij duizend opvoeders in Christus, gij hebt niet vele vaders. Immers, ik heb u in Christus Jezus door het Evangelie verwekt.
  • Ik vermaan u dus: volgt mijn voorbeeld.

1 Petrus 2:19-21

  • Want dit is genade, indien iemand, omdat hij met God rekening houdt, leed verdraagt, dat hij ten onrechte lijdt.
  • Want mag dát roem heten, als gij slagen moet verduren, omdat gij kwaad doet? Maar als gij goed doet en dan lijden moet verdragen, dát is genade bij God!
  • Want hiertoe zijt gij geroepen, daar ook Christus voor u geleden heeft en u een voorbeeld heeft nagelaten, opdat gij in Zijn voetstappen zoudt treden.

Wij als christenen, behoren te wandelen als Christus, en niet onszelf te behagen, en als Christus, lijden te verduren. Het werken van het geloof doet ons een schouwspel worden, omdat we niet gelijk synchronisch met de wereld wandelen.

Jakobus 1:12/2:14,18

  • Zalig is de man, die in verzoeking volhardt, want, wanneer hij de proef heeft doorstaan, zal hij de kroon des levens ontvangen, die God beloofd heeft aan wie HEM liefhebben./
  • Wat gaat het, mijn broeders, of iemand al beweert geloof te hebben, als hij geen werken heeft? Kan dat geloof hem behouden?-
  • Maar, zal iemand zeggen: gij hebt geloof en ik heb de werken. Toon mij dan uw geloof zonder de werken, en ik zal u mijn geloof tonen uit mijn werken.

Tot eer en lof, voor God.

Hoe denken wij?

Hoe spreken wij?

Hoe zijn onze daden?

Wij mensen kijken tegen de buitenkant van onze mede mens aan. Wij zien niet wat de ander denkt. We horen niet altijd wat een ander over je zegt. We zien niet altijd wat een ander doet. Het is misschien ook maar goed ook.

Maar God ziet alles.

‘Ik, de HEERE, doorgrond het hart, en proef de nieren; en dat, om een iegelijk te geven naar zijn wegen, naar de vrucht zijner handelingen.’

Jeremia 17:10 

Wat voor de mens verborgen is, God weet het.

We zullen daar ook rekenschap voor moeten afleggen, bij Gods troon.

Ik heb het al eens eerder gehad over: ken God in al uw wegen. Over het leven met God, en God als uw hemelse Vader. Dat wij kinderen zijn van een Vader.

Maar dit gaat nog een stukje verder.

Leven tot lof en eer van God.

Niet ik, maar U o God.

Niet mijn wil, maar U wil geschiede.

Zelfs Jezus bad het:

‘Wederom ten tweeden male heengaande, bad Hij, zeggende: Mijn Vader! Indien deze drinkbeker van Mij niet voorbij kan gaan, tenzij dat Ik hem drinke, Uw wil geschiede!’

Mattheüs 26:42 

Moeten ook wij niet zo leven?

Moeten we niet leven tot welbehagen voor God?

U wil geschiede, in de hemel en de aarde.

Jezus leert het ons.

Maar bid nu eens: 

U wil geschiede in de hemel en op de aarde, en ook in mij.

Durft u, het naar uw persoonlijk te trekken?

Durft u, het leven, wat u van God gekregen heeft, terug te geven in Gods hand?

Hem de regie over uw leven te geven?

Uw wil geschiede, niet de mijne.

Al wat ik doe, denk en spreekt, laat het zijn tot lof en eer van U o Vader.

Is dat niet het eerst gebod?

‘En gij zult den Heere, uw God, liefhebben uit geheel uw hart, en uit geheel uw ziel, en uit geheel uw verstand, en uit geheel uw kracht. Dit is het eerste gebod.’

Markus 12:30 

Dat gaat verder, dan bidden voor je eten, zondag in de kerk, het stukje bijbel lezen.

Dan hebben we het over, elke seconde, elke minuut, elk uur en dag van ons leven, God eren, loven en prijzen. Bij voorspoed en bij tegenspoed.

God danken voor…. je leven, het leven van je ouders (zonder hun, was jij er niet, en ook al is het contact misschien verbroken)

God danken, voor je eten en drinken, huis, auto, fiets noem het maar op.

En nu hoor ik mensen zeggen: God danken voor een auto of fiets?

Ja, alles wat je heb, het is door God geleid.

God is het, die voor jou zorgt, en Hij wil daar jou dank voor hebben.

Moeten we dan de hele dag, halleluja roepen?

Natuurlijk mag dat wel, maar je kan God ook de eer geven, door je daden, en gedachten.

Ook door het niet terug schelden, of slaan, het omkijken naar een ander, het praten met mensen over wat God in jou leven betekend.

Het zijn zomaar even wat voorbeelden, vanuit het dagelijks leven, die je heel makkelijk in praktijk kan brengen, en er zijn er nog veel meer.

Je hoeft niet zonder zonde te zijn, om dit te kunnen. God weet, dat wij (ook ik) zondige mensen zijn. Dat we zonde doen in woord, daad en gedachten. En dat we elke dag, de fout in gaan. Maar daar is Christus Jezus. Door Hem mogen we weten dat onze zonden, ons niet toe gerekend wordt, als wij die aan Vader belijden in Jezus Christus Naam. En ook daar, heeft God een welgevallen in!

Leven tot Gods eer, moeilijk?

Nee! 

Het is een levensstijl.

Hamba Tuhan.

De christen leert. Hoe?

Jezus Christus was, toen Hij uit de dood opgestaan was, terug naar de hemelen gegaan naar Zijn Vader.

Hetgeen wat gebeuren moest (Jesaja 53), is volbracht.

En wanneer Hij in de hemelen is gezeten bij de Vader in ZIJN troon, heeft Jezus de macht om de Heilige Geest uit te storten, wie van harte gelooft! Op iedereen die het wilt. -Handelingen 1:8/8:35-37

Johannes 14:15-17

  • Wanneer gij Mij liefhebt, zult gij ook Mijn geboden bewaren.
  • En Ik zal de Vader bidden en HIJ zal u een Andere Trooster geven om tot in eeuwigheid bij u te zijn, de Geest van de waarheid, Die de wereld niet kan ontvangen, want zij begrijpen Hem niet en kent Hem niet, maar gij kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn.

Die Andere Trooster, in plaats van Jezus Christus, is de Heilige Geest. Degenen die Deze Geest waarlijk ontvangen hebben, begrijpen (zien) en kennen Hem.

Hoe dan? Omdat degenen die Deze Geest hebben in de tongentaal kunnen bidden (Romeinen 8:26), een bewijs, dat de Heilige Geest in hen is. Deze Geest bouwt iemand op, door in deze taal te bidden.

Ook eendezelfde feit is, om gesteund te worden door een andere geestvervuld persoon. Tot opbouwing van het Lichaam van Christus.

Vergelijk 1 Korinthe 14, hoe een Gemeente van God hoort te functioneren? Zien wij dit gebeuren? Zeer weinig! Omdat zij dan zeggen, dat het voor de eerste Gemeenten was, niet voor deze tijd. Waarom zeggen zij dat? Omdat zij geen Heilige Geest hebben, en nog steeds in het vlees wandelen!

De wereld kan het niet begrijpen of zien (1 Korinthe 2:14), omdat zij geen geloof stellen in Jezus Christus. Ook de zogenaamde christenen, die in het vlees wandelen, dus werelds zijn, kunnen dat niet.

Deze Geest, leert degenen, die Hem ontvangen hebben.

Op wat voor een manier dan?

Juist!

Wanneer wij in de Geest aan het wandelen zijn, en wij doen iets wat niet behoort volgens de wil van God, dan veroordeeld ons hart, met een naar gevoel van binnen.

Wanneer wij in Gods liefde wandelen, en doen iets wat ons hart ons niet veroordeeld, dan hebben wij vrijmoedigheid bij God.

Zo leert men te wandelen. Niet te luisteren naar de voorganger, want die is er om de basis te leren, en de beginneling het Woord te onderwijzen, om daarna met hem te bidden om Heilige Geest. Wanneer wij de vaste spijs deelachtig zijn, hebben wij geen melk meer nodig.- Hebreeën 5:12-14

Hoe weten we dan wanneer wij gecorrigeerd worden?

Lees de volgende verzen aandachtig?

1 Korinthe 4:4/13:12

  • Want ik ben mij van niets bewust, maar daardoor ben ik niet gerechtvaardigd, HIJ, DIE mij beoordeelt is de HEERE./
  • Want nu zien wij nog door een spiegel, in raadsels, doch straks van aangezicht tot aangezicht. Nu ken ik onvolkomen, maar dan zal ik ten volle kennen, zoals ik zelf gekend ben.

Wij gaan iets pas begrijpen, als wij getoetst worden. Als wij niet getoetst worden, dat is overgezet, gekastijd worden door onze Vader, dan leren wij niets. Het is niet zo, dat als wij gezondigd hebben wij maar denken dat wij onder de genade staan. Wij moeten leren?

Stel, wanneer iemand, door rood licht rijdt, en hij doet het vaker, dan wordt het een gewoonte. Wij moeten dat niet doen. We moeten gehoorzaam blijven aan Gods wil, anders zou het nog eens verkeerd uitpakken op de wederkomst van Jezus Christus. – Matthéüs 7:21-23

Dus heel belangrijk om onder Gods genade te zijn, is gehoorzaam te wandelen in Gods Geest, in de liefde van God, door Jezus Christus onze Heere.

Romeinen 8:6-8

  • Want de gezindheid van het vlees is de dood, maar de gezindheid van de Geest is leven en vrede.
  • Daarom dat de gezindheid van het vlees vijandschap is tegen God, want het onderwerpt zich niet aan de wet van God, trouwens, het kan ook niet.
  • Zij, die in het vlees blijven wandelen, kunnen onmogelijk God behagen.

Zij die elke zondag trouw naar de kerk gaan, menen dat zij God met deze daad te behagen. God denkt daar heel anders over. U bent gewaarschuwd, en u zal geen excuus meer hebben, nu u dit gelezen hebt!

Wie denkt te geloven in Jezus Christus, en in het vlees te wandelen, maar toch zegt de Heilige Geest te hebben, zonder het bewijs (Markus 16:16-18/ 1 Korinthe 14:2), dan houdt die persoon zich voor de gek, en zal hij of zij niet onder de genade zijn, omdat zij vijanden zijn van God.

Troost

Al ga ik ook door een dal der schaduw des doods, ik zou geen kwaad vrezen. Want Gij zijt met mij.

Wat een kracht spreekt hier uit. David een man Gods, zelf heel veel mee gemaakt, hij kon het toen al zo mooi verwoorden. Hij wist nog niets van het lijden en sterven van Jezus, niets van de uitstorting van de Heilige Geest. Maar hij vertrouwde volledig op God. Hij wist, al zag hij de dood in de ogen, bang hoefde hij niet te zijn, als God maar bij hem was.

Ik hoor wel eens zeggen, ja in de tijd van de bijbel, met het oude volk Israël, die zagen de tekenen van God, die wisten daardoor dat God bestaat. Wij, ja wij zien dat niet wij moeten het door geloof doen. Die tekenen en engelen zien we niet meer, dat is voorbij.

Maar is dat zo? Zien wij Gods werk niet meer? Zien wij niet meer hoe God, alle dingen leid tot welbehagen van ons? Zien we niet meer, hoe God ons leven stuurt en leid? Zien we niet, hoe God ons troost? Hoe God ons bemoedigt.

Is de Hemel poort gesloten, en stil? Of, zijn wij ziende blind, en horende doof?

Kijk eens naar de zon, gaat hij niet elke dag nog steeds voor ons op?

Kijk eens in de nacht, staan daar de sterren niet nog steeds aan het uitspansel?

Kijk eens naar het gras, en bloemen, groeien ze niet nog steeds en laat de bloem haar pracht niet nog steeds zien?

Kijk eens naar een pas geboren kind, formeert God, niet nog steeds het ongeboren kind, tot Zijn evenbeeld?

Kijk eens naar je zelf, hoe wonderlijk je lichaam is, hoe knap alles gemaakt is, en alles geneest, als je een wondje heb.

En dan zeggen wij het is stil, en er zijn geen wonderen en tekenen van God?

Zijn wij dan zo blind en doof geworden, dat wij het niet zien en horen?

Uw stok en staf, die vertroosten mij, zegt David.

David, heeft het beeld van een herder voor ogen. God de Herder, wij de schapen. Het is een beeld wat vaker in de Bijbel gebruikt wordt.

De staf werd gebruikt, om de afgedwaalde schapen, terug te brengen bij de kudde. De stok, om de wolven te verjagen.

En die stok en staf, vertrooste David.

Wat bedoelt David hier mee?

God is de Herder, wij Zijn schapen.

En de Herder leid ons door het leven.

We grazen en lopen, nachts liggen we lekker te slapen, want de Herder waakt over ons, allemaal geen probleem. En het wordt weer dag, de zon komt op, en daar gaat de kudde weer.

Maar dan dwaalt een schaap af, hij raakt van de kudde af en hij dreigt achter op te raken. Dan komt de Herder, en geeft hem liefdevol een tikje met zijn staf, en zegt kom, door lopen. Zo houd de Herder de schapen bijeen.

Maar dan komt er een wolf die een schaap wil pakken, de Herder gaat er op af, pakt zijn stok en slaat er op los. Met gevaar voor eigen leven, jaagt hij de wolf weg, en pakt het schaap liefdevol op en brengt het bij de kudde.

Zo is het ook met ons.

God is de Herder, wij Zijn schapen.

We gaan allemaal achter God aan, en volgen Hem. En we mogen weten dat we veilig zijn.

God voert ons naar grazige weide, Hij zorgt voor ons, dat het ons aan niets ontbreekt. In de nacht waakt Hij over ons, en beschermt Hij ons. Bij de dag leid Hij ons weer verder door het leven, en ja, dan raakt er wel eens iemand van ons achter, dan komt God, geeft ons een liefdevol tikje met Zijn staf, en zegt: kom door lopen. Zo houd God Zijn kudde bij elkaar.

Dan komt de wolf, de duivel, en de Herder, God, gaat er op af, en slaat met Zijn stok, Hij beschermt ons, voor de duivel. En Hij pakt ons op en zet ons weer terug tussen de andere volgelingen.

Hoe God dat doet?

Hoe zie en hoor ik dat?

‘Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Zo iemand niet geboren wordt uit water en Geest, hij kan in het Koninkrijk Gods niet ingaan.’

Johannes 3:5

Ogen gaan open, horen horen.

‘Maar wanneer Die zal gekomen zijn, namelijk de Geest der waarheid, Hij zal u in al de waarheid leiden; want Hij zal van Zichzelven niet spreken, maar zo wat Hij zal gehoord hebben, zal Hij spreken, en de toekomende dingen zal Hij u verkondigen.’

Johannes 16:13 

Ja dan zie en hoor je Gods wondere kracht.

Dan is het niet stil, dan is de Hemel niet gesloten. 

Dan zie je de Herder voor je lopen en je volgt Hem.

Dan kan je God danken, in verdriet, pijn en moeite.

Dan zie je, hoe God, met in zet van leven, jou beschermt, door het lijden en sterven van Zijn Zoon Jezus Christus.

Dan dank je God, voor die tik, die je krijgt, als je afdwaalt. Die bemoedigende woorden, als het moeilijk wordt, kom op, door lopen.

Dan weet je, als ik verdwaalt, God zal mij blijven zoeken.

‘Ik ben de goede Herder; de goede herder stelt zijn leven voor de schapen.’

Johannes 10:11 

Dan weet je, wie zal tegen mij zijn, als God met mij is. Wolven druipen af, duivelen zijn overwonnen.

En ik?

Dank God voor Zijn bescherming, Zijn leiding.

Verwonder mij, over Zijn kracht, Zijn wonderen, en Zijn liefde voor mij.

Ik voel mij veilig, want God is met mij.

En al krijg ik een tik van Zijn staf, ik heb het verdiend en het is in liefde gegeven.

En ik zeg: Dank u wel, Vader, dat ik bij Uw kudde mag behoren.

Hamba Tuhan

De goddelozen.

1 Samuël 24:14

Job 21:7-9

  • Waarom blijven de goddelozen in leven, worden zij oud, nemen zelfs toe in rijkdom?
  • Hun nakomelingen blijft bestendig met hen, hun kleinkinderen zijn voor hun ogen.
  • Hun huizen zijn veilig, zonder vrees, Gods kastijding treft hen niet.

God kastijd, de goddeloze niet, HIJ ziet hen met hun duisternis, zij willen niet gekastijd worden!

Hebreeën 12:6

  • De HEERE kastijd degenen die HIJ liefheeft, en HIJ kastijdt iedere zoon, die HIJ aanneemt.

Hebben degenen die God ongehoorzaam of in HEM niet geloven echte vrede?

Jesaja 57:15-21

  • Want zo zegt de Hoge en Verhevene, DIE in eeuwigheid troont en Wiens Naam de Heilige is: in de Hoge en in het Heilige woon IK en bij de verbrijzelde en nederige geest, om de geest van de nederige en het hart van de verbrijzelde te doen opleven.
  • Want IK zal niet altoos twisten noch voor eeuwig toornig zijn, anders zou de geest van de mens voor MIJN aangezicht bezwijken, terwijl IK hen de levensadem gegeven heb.
  • Om de ongerechtigheid van zijn hebzucht was IK toornig en sloeg het volk, terwijl IK MIJ in toorn verborg, maar het wendde zich af en ging zijn eigengekozen weg.
  • Zijn wegen heb IK gezien, doch IK zal hen genezen, het leiden, en weer vertroosting schenken, namelijk aan de treurende er van.
  • IK schep de vrucht van de lippen: vrede, vrede voor hem die verre zijn, en voor hem die nabij is, zegt de HEERE JAHWEH, en IK zal hen genezen.
  • Maar de goddelozen zijn als de zee, zo opgezweept, dat zij niet tot rust kan komen, en de wateren slijk en modder opwoelen.
  • De goddelozen, zegt mijn God, hebben geen vrede.

Wij kunnen ons verheugen dat eens de goddelozen er niet meer zijn zullen. Want deze wereld met al haar onrecht, komt door mensen die Gods kastijding in de wind slaan. Als het op Gods manier, naar ZIJN wil geregeerd wordt, zal er echte vrede zijn.

Maleachi 4:1-3

  • Want zie, de dag komt, brandend als een oven. Dan zullen alle overmoedigen en allen die goddeloosheid bedrijven, zijn als de stoppels, en de dag die komt, zal hen in brand steken, zegt de HEERE van hemelscharen, en hun wortel en tak zal vergaan.
  • Maar voor u, die MIJN Naam vreest, zal de Zon van gerechtigheid opgaan, en er zal genezing zijn onder haar vleugels, en gij zult uitgaan en springen als kalveren uit de winterstal, in de lente.
  • Gij zult op de goddelozen treden, want tot stof zullen zij zijn onder uw voetzolen op de dag die IK bereiden zal, zegt de HEERE van de hemelscharen.

Wij die God aangenomen hebben als onze Verlosser, door ZIJN Zoon Jezus Christus, hebben de opdracht om zoveel mogelijk mensen te overreden om te bekeren, en hun te waarschuwen voor Gods komende toorn. Doen wij liever niets, en denken bij onszelf dat een ander het maar moet doen, dan MOET u deze vers eens in gedachten houden. Het is niet uit zijn verband gerukt, het is de waarheid!

Ezechiël 3:18/33:9

Als IK tot de goddeloze zegt: gij zult voorzeker sterven, en gij waarschuwt hem niet en spreekt niet om de goddeloze van zijn goddeloze weg te waarschuwen ten einde hem in het leven te behouden, dan zal die goddeloze in zijn eigen ongerechtigheid sterven, maar zijn bloed zal IK u rekenschap vragen.

Maar als gij een goddeloze waarschuwt om zich van zijn weg te bekeren, doch hij bekeert zich daarvan niet, dan zal hij in zijn eigen ongerechtigheid sterven, maar gij hebt uw leven gered.

De bok met zijn harde nek!

Deuteronomium 10:16-18

  • Besnijdt de voorhuid van uw hart, en weest niet meer hardnekkig.
  • Want de HEERE, uw God, is de God boven alle goden en de HEERE HEEREN boven alle heren, de grote, sterke en vreselijke God, DIE geen partijdigheid kent, noch een geschenk aanneemt, DIE de wees en weduwe recht doet en de vreemdeling liefde bewijst door hem brood en kleding te geven.

Jesaja 48:1,4/ Jeremia 7:26

  • Hoort dit, gij huis van Jakob, die u noemt met de naam Israël en die uit de wateren van Juda voortgekomen zijt, die zweert bij de Naam van de HEEREN en die de God van Israël belijdt, maar niet in waarheid en niet in gerechtigheid.-
  • Omdat IK wist, dat gij hard zijt en uw nek een ijzeren stang is en uw voorhoofd van koper, daarom heb IK het u vanouds verkondigd./
  • Doch zij hoorden naar MIJ niet noch neigden hun oor, maar betoonden zich hardnekkiger dan hun vaderen.

Dit is wat God wist over ZIJN eigen volk, dat zij zo weerspannig was, omdat zij Gods wil niet gehoorzaam waren. Zo zal het ook zijn bij christenen, geen twijfel mogelijk!

Wie verhard zijn nek?

Mattheüs 7:15/ 2 Petrus 2:1,2

  • Wacht u voor de valse profeten, die in schapenvacht tot u komen, maar van binnen zijn zij roofgierige wolven./
  • Toch zijn er ook valse profeten onder het volk Israël geweest, zoals OOK ONDER U VALSE LERAARS zullen komen, die verderfelijke ketterijen zullen doen binnensluipen, zelfs de HEERSER, DIE hen gekocht heeft, verloochenende en een schielijk verderf over zichzelf brengend.
  • En VELEN zullen hun LOSBANDIGHEDEN NAVOLGEN, zodat door HUN SCHULD de weg van de waarheid gelasterd zal worden.

Als de profeten van God deze woorden opgeschreven hebben, is dit de waarheid! Er staat letterlijk: VELEN.

Typerend is dit de brede weg christenen! Dit zijn de bokken, die eigen wijs hun eigen weg volgen. Gods weg negeren ze met getale.

Wie zijn dan uit God? Dat zijn de schapen. Maar de bokken zijn van een andere god.

1 Johannes 4:4-6

  • Gij (schapen) zijt uit God, kinderen, en gij hebt hen (bokken) overwonnen, want de Geest Die in u is, is meerder dan die in de wereld is.
  • Zij zijn uit de wereld, daarom spreken zij uit de wereld en de wereld hoort hen.
  • Wij zijn uit God, wie God kent, hoort naar ons, wie uit God niet is, hoort naar ons niet. Hieraan onderkennen wij de Geest van de waarheid en de geest van dwaling.

Wie naar de heiligen niet luistert, hebben hun nek verhard, zij beschuldigen zelfs! Het oordeel zal het doen uitkomen, dat de schapen, het geestelijk Israël, gelijk heeft.

In welke categorie bent u nu? Bij de schapen, of bij de bokken?

Gods Heerschappij en zijn doel:

Gods troon, zoals gezien door sommige profeten van God.

Ezechiël 1:4,5,22

  • En ik zag, en zie, een stormwind (Ps.50:3,4) kwam uit het Noorden, een zware wolk met flitsend vuur en omgeven door een glans daarbinnen, midden in het vuur, was wat eruit zag als blinkend metaal.
  • En in het midden daarvan was wat gelijkt op vier wezens, en dit was hun voorkomen: zij hadden de gedaante van een mens, ieder had vier aangezichten en ieder van hen vier vleugels.-
  • Boven de hoofden van deze wezens was wat gelijkt op een uitspansel als ontzagwekkend ijskristal, uitgespreid boven over hun hoofden.

Openbaring 4:5-8

  • En van de troon gingen uit bliksemstralen, stemmen en donderslagen, en zeven vurige fakkels branden voor de troon, dit zijn de zeven Geesten Gods.
  • En voor de troon was als een glazen zee, kristal gelijk.
  • En in het midden in de troon en rondom waren vier dieren, vol ogen van voor en van achter.
  • En het eerste dier was een leeuw gelijk, en het tweede dier een rund gelijk, en het derde dier had een gelaat als van een mens, en het vierde dier was als een vliegende arend gelijk.
  • En de vier dieren hadden elk voor zich zes vleugels en waren rondom en van binnen vol ogen en zij hadden dag noch nacht rust, voortdurend zeggende: Heilig, Heilig, Heilig is de HEERE God, de Almachtige, DIE was, DIE is, en DIE komt.

[ leeuw: moed/ rund: kracht/ mens: liefde/ arend: scherpziende]

Gods Heerschappij komt, om de wil van God uit te voeren, en ZIJN Heerschappij over de aarde uit te spreiden. Wie hiervoor in aanmerking komt, zijn de getuigen van Jezus Christus en het gehoorzame Israël, de 144.000 verzegelen.

Handelingen 1:6,7

  • Zij dan (de discipelen), die daar bijeengekomen waren, vroegen Jezus Christus: Heere, herstelt Gij in deze tijd het Koninkrijk voor Israël?
  • Hij zeide tot hen: het is niet uw zaak de tijden en gelegenheden te weten, waarover de Vader de beschikking aan ZICH gehouden heeft, maar gij zult kracht ontvangen…..

Daniël 7:9,10,13,14

  • Toen ik bleef toekijken, werden tronen opgesteld, en een OUDE van dage zette ZICH neer, ZIJN kleed was wit als sneeuw en ZIJN hoofdhaar blank als wol, ZIJN troon bestond uit vuurvlammen, de raderen (wielen) daarvan uit laaiend vuur, en een stroom van vuur (als lava) welde op en vloeide voor HEM uit; duizendmaal tienduizenden dienden HEM en tienduizend maal duizenden stonden vóór HEM. De vierschaar zette zich neder en de boeken werden geopend.-
  • Ik bleef toekijken in de visioenen en zie, met de wolken van de hemel kwam iemand gelijk een mensenzoon, Hij begaf Zich tot de OUDE van dagen, en men leidde Hem voor DEZE, en Hem werd Heerschappij gegeven en eer en Koninklijke macht, en alle volken, natiën en talen dienden Hem. Zijn Heerschappij is een eeuwige Heerschappij, die niet zal vergaan, en Zijn Koningschap is een, dat onverderfelijk is.

Mattheüs 25:31-33,41,46

  • Wanneer dan de Zoon van God komt in Zijn heerlijkheid en al Zijn Engelen met Hem, dan zal Hij plaats nemen op de troon Zijne heerlijkheid.
  • En al de volken zullen vóór Hem verzameld worden, en Hij zal ze van elkander scheiden, gelijk een herder de schapen van de bokken scheidt, en Hij zal de schapen zetten aan Zijn rechterhand, en de bokken aan Zijn linkerhand.-
  • Dan zal Hij zeggen, die aan Zijn linkerhand staan: gaat weg van Mij (Matt.7:22,23), gij vervloekten (Gal.1:8), naar het eeuwige vuur, dat voor de duivel en zijn engelen bereid is.-
  • En deze zullen heengaan naar de eeuwige straf, maar de rechtvaardige (schapen) naar het eeuwige leven.