Behoud het geloof.

Wat is geloof? Is dat geloven in de Naam van Jezus Christus als naam, hoe Hij heet? Of is het geloven in Zijn Naam als Autoriteit?

Jezus Christus is gekomen in de Naam van God, Zijn Vader. Dus in Gods Autoriteit!

Een voorbeeld uit Mattheüs 8 vers 5-13 verteld ons hoe groot iemands geloof is. En dat Jezus dat bevestigt.

De hoofdman hoefde slechts een woord te krijgen van Jezus, zodat zijn soldaat genezen werd. Dat is pas geloven?

Behoud uw geloof, nu de zware kritieke tijden aanbreken. Een vermaning volgt nu, om uw geloof in Gods kracht te behouden, want uw loon zal dan spoedig komen.

Romeinen 15:1-9

  • Wij, die sterk zijn, moeten de gevoeligheden van de zwakken verdragen en niet onszelf te behagen.
  • Ieder van ons tracht zijn naaste te behagen, ten goede, tot opbouwing, want ook Christus heeft Zichzelf niet behaagd, maar, gelijk geschreven staat: De smaadwoorden van hen, die U smaden, kwamen op Mij neder.
  • Al wat namelijk tevoren geschreven is, werd tot ons onderricht geschreven, opdat wij in de weg van volharding en van vertroosting van de Schriften de hoop vasthouden.
  • De God nu van volharding en de vertroosting geve u eensgezind van hetzelfde gevoelen te zijn naar het voorbeeld van Christus Jezus, opdat gij eendrachtig uit één mond God de Vader van onze Heere Jezus Christus moogt verheerlijken.
  • Daarom, aanvaardt elkander, zoals ook Christus ons aanvaard heeft tot de heerlijkheid Gods.
  • Ik bedoel namelijk, dat Christus ter wille van de waarachtigheid Gods een dienaar van besnedenen geweest is, om de beloften, aan de vaderen gedaan, te bevestigen, en dat de heidenen God ter wille van ZIJN ontferming gaan verheerlijken, gelijk geschreven staat: Daarom zal ik U loven onder de heidenen en UW Naam met snarenspel prijzen.

Romeinen 14:7,8

  • Niemand van ons leeft voor zichzelf, en niemand sterft voor zichzelf, want als wij leven, het is voor de HEERE, en als wij sterven, het is voor de HEERE.
  • Hetzij wij dan leven, hetzij wij sterven, wij zijn het des HEEREN.

1 Korinthe 13:1-3/ 14:1-3

  • Al ware het, dat ik met de tongen of die van engelen sprak, maar had de liefde niet, ik ware een schallend koper of een rinkelende cimbaal.
  • Al ware het, dat ik profetische gaven had, en alle geheimenissen en alles, wat te weten is, wist, en al het geloof had, zodat ik bergen kan verzetten, maar had de liefde niet,zo ware ik niets.
  • Al ware het, dat ik al wat ik heb tot spijs uitdeelde, en al ware het, dat ik mijn lichaam gaf om te worden verbrand, maar had de liefde niet, het baatte mij niets./
  • Jaagt de liefde na en streeft naar de geestelijke gaven van de Geest, doch vooral naar het profeteren door de Geest.
  • Want wie in een tong spreekt, spreekt niet tot mensen, maar tot God, want geen mens verstaat het, doch door de Geest spreekt hij verborgenheden, en bouwt zichzelven op.
  • Maar wie profeteert, sticht de Gemeente, en vermaning en bemoediging.

1 Thessalonicenzen 4:13-17

  • Doch wij willen u niet onkundig laten, broeders, wat betreft hen, die ontslapen zijn, opdat gij niet bedroefd zijt, zoals de ongelovige mensen, die geen hoop hebben.
  • Want indien wij geloven, dat Jezus gestorven en opgestaan is, zal God ook zó hen, die ontslapen zijn, door Jezus Christus wederbrengen met Hem.
  • Want dit zeggen wij u met een woord des HEEREN: wij, levenden, die achterblijven tot de komst van Christus, zullen in geen geval de ontslapenen voorgaan, want de Heere Zelf zal op een teken, bij het roepen van een aartsengel en bij het geklank ener bazuin Gods, nederdalen vanuit de hemel, en zij, die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan, daarna zullen wij, levenden, die achterbleven, samen met hen op de wolken in een oogwenk weggevoerd worden, de Heere Jezus Christus tegemoet in de lucht, en zó zullen wij altijd met de Heere Jezus Christus wezen.

Vermaant elkander dus met deze woorden.
1 Thessalonicenzen 4 vers 18