Troost

Al ga ik ook door een dal der schaduw des doods, ik zou geen kwaad vrezen. Want Gij zijt met mij.

Wat een kracht spreekt hier uit. David een man Gods, zelf heel veel mee gemaakt, hij kon het toen al zo mooi verwoorden. Hij wist nog niets van het lijden en sterven van Jezus, niets van de uitstorting van de Heilige Geest. Maar hij vertrouwde volledig op God. Hij wist, al zag hij de dood in de ogen, bang hoefde hij niet te zijn, als God maar bij hem was.

Ik hoor wel eens zeggen, ja in de tijd van de bijbel, met het oude volk Israël, die zagen de tekenen van God, die wisten daardoor dat God bestaat. Wij, ja wij zien dat niet wij moeten het door geloof doen. Die tekenen en engelen zien we niet meer, dat is voorbij.

Maar is dat zo? Zien wij Gods werk niet meer? Zien wij niet meer hoe God, alle dingen leid tot welbehagen van ons? Zien we niet meer, hoe God ons leven stuurt en leid? Zien we niet, hoe God ons troost? Hoe God ons bemoedigt.

Is de Hemel poort gesloten, en stil? Of, zijn wij ziende blind, en horende doof?

Kijk eens naar de zon, gaat hij niet elke dag nog steeds voor ons op?

Kijk eens in de nacht, staan daar de sterren niet nog steeds aan het uitspansel?

Kijk eens naar het gras, en bloemen, groeien ze niet nog steeds en laat de bloem haar pracht niet nog steeds zien?

Kijk eens naar een pas geboren kind, formeert God, niet nog steeds het ongeboren kind, tot Zijn evenbeeld?

Kijk eens naar je zelf, hoe wonderlijk je lichaam is, hoe knap alles gemaakt is, en alles geneest, als je een wondje heb.

En dan zeggen wij het is stil, en er zijn geen wonderen en tekenen van God?

Zijn wij dan zo blind en doof geworden, dat wij het niet zien en horen?

Uw stok en staf, die vertroosten mij, zegt David.

David, heeft het beeld van een herder voor ogen. God de Herder, wij de schapen. Het is een beeld wat vaker in de Bijbel gebruikt wordt.

De staf werd gebruikt, om de afgedwaalde schapen, terug te brengen bij de kudde. De stok, om de wolven te verjagen.

En die stok en staf, vertrooste David.

Wat bedoelt David hier mee?

God is de Herder, wij Zijn schapen.

En de Herder leid ons door het leven.

We grazen en lopen, nachts liggen we lekker te slapen, want de Herder waakt over ons, allemaal geen probleem. En het wordt weer dag, de zon komt op, en daar gaat de kudde weer.

Maar dan dwaalt een schaap af, hij raakt van de kudde af en hij dreigt achter op te raken. Dan komt de Herder, en geeft hem liefdevol een tikje met zijn staf, en zegt kom, door lopen. Zo houd de Herder de schapen bijeen.

Maar dan komt er een wolf die een schaap wil pakken, de Herder gaat er op af, pakt zijn stok en slaat er op los. Met gevaar voor eigen leven, jaagt hij de wolf weg, en pakt het schaap liefdevol op en brengt het bij de kudde.

Zo is het ook met ons.

God is de Herder, wij Zijn schapen.

We gaan allemaal achter God aan, en volgen Hem. En we mogen weten dat we veilig zijn.

God voert ons naar grazige weide, Hij zorgt voor ons, dat het ons aan niets ontbreekt. In de nacht waakt Hij over ons, en beschermt Hij ons. Bij de dag leid Hij ons weer verder door het leven, en ja, dan raakt er wel eens iemand van ons achter, dan komt God, geeft ons een liefdevol tikje met Zijn staf, en zegt: kom door lopen. Zo houd God Zijn kudde bij elkaar.

Dan komt de wolf, de duivel, en de Herder, God, gaat er op af, en slaat met Zijn stok, Hij beschermt ons, voor de duivel. En Hij pakt ons op en zet ons weer terug tussen de andere volgelingen.

Hoe God dat doet?

Hoe zie en hoor ik dat?

‘Jezus antwoordde: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Zo iemand niet geboren wordt uit water en Geest, hij kan in het Koninkrijk Gods niet ingaan.’

Johannes 3:5

Ogen gaan open, horen horen.

‘Maar wanneer Die zal gekomen zijn, namelijk de Geest der waarheid, Hij zal u in al de waarheid leiden; want Hij zal van Zichzelven niet spreken, maar zo wat Hij zal gehoord hebben, zal Hij spreken, en de toekomende dingen zal Hij u verkondigen.’

Johannes 16:13 

Ja dan zie en hoor je Gods wondere kracht.

Dan is het niet stil, dan is de Hemel niet gesloten. 

Dan zie je de Herder voor je lopen en je volgt Hem.

Dan kan je God danken, in verdriet, pijn en moeite.

Dan zie je, hoe God, met in zet van leven, jou beschermt, door het lijden en sterven van Zijn Zoon Jezus Christus.

Dan dank je God, voor die tik, die je krijgt, als je afdwaalt. Die bemoedigende woorden, als het moeilijk wordt, kom op, door lopen.

Dan weet je, als ik verdwaalt, God zal mij blijven zoeken.

‘Ik ben de goede Herder; de goede herder stelt zijn leven voor de schapen.’

Johannes 10:11 

Dan weet je, wie zal tegen mij zijn, als God met mij is. Wolven druipen af, duivelen zijn overwonnen.

En ik?

Dank God voor Zijn bescherming, Zijn leiding.

Verwonder mij, over Zijn kracht, Zijn wonderen, en Zijn liefde voor mij.

Ik voel mij veilig, want God is met mij.

En al krijg ik een tik van Zijn staf, ik heb het verdiend en het is in liefde gegeven.

En ik zeg: Dank u wel, Vader, dat ik bij Uw kudde mag behoren.

Hamba Tuhan