God’s goedertierenheid.

Aan wie is God genadig?

Voor de meeste christenen is dat voor iedereen.
Maar is dat wel zo?

Wat als men zegt in de Zoon van God te geloven, maar niet doet wat door Gods Zoon Jezus Christus , de Woorden van God nagevolgd wordt, en een menselijke interpretatie eraan voegen?
Valt zo’n persoon ook onder de genade van God?

Wanneer iemand geen eigen interpretatie, of een interpretatie navolgt van iemand, dan zal God genadig zijn.

Spreuken 6:16-19
Deze zes dingen haat de HEERE, ja, zeven zijn de HEERE een hartgrondige gruwel:
Hoogmoedige ogen
Een valse tong
Handen die onschuldig bloed vergieten
Een hart dat heilloze plannen smeedt
Voeten die zich haasten om naar het kwade te snellen
Leugens uitblaast als een valse getuige
Twist stookt tussen broeders.

Zullen degenen, die één of meerdere dingen doen wat Spreuken 6 aangeeft, onder de genade zijn?

Wie de genade zullen ontvangen, zijn degenen, die de gerechtigheid van God navolgen.

2 Timotheüs 2:11-22
Het Woord is betrouwbaar, immers,
indien wij met Christus gestorven zijn, zullen wij ook met Hem leven,
indien wij volharden, zullen wij ook met Hem als koningen heersen,
indien wij Hem zullen verloochenen, zal Hij ons verloochenen,
indien wij ontrouw zijn, Hij blijft getrouw, want Hij kan Zichzelf niet verloochenen.
Blijft dit in herinnering brengen en betuig in de tegenwoordigheid van God, dat men geen woordenstrijd moet voeren, die geen nut is, ja, het brengt verderf aan wie ernaar horen.
Maak er ernst mede u wel beproefd ten dienste van God te stellen, als een arbeider, die zich niet behoeft te schamen, doch rechte voren trekt bij het brengen van het Woord der Waarheid.
Maar vermijd de onheilige, holle klanken van een ander evangelie, want zij zullen de ongerechtigheid nog verder drijven, en hun woord zal voortwoekeren gelijk de kanker.
Tot hen behoren Hymenaeüs en Philetus, die uit het spoor der Waarheid geraakt zijn met hun bewering, dat de opstanding reeds heeft plaats gehad, waardoor zij het geloof van sommigen afbreken.
En toch blijft het vaste Fundament van God ongeroerd: de HEERE kent de ZIJNE, en: een ieder die de Naam van de HEERE aanroept, breke met de ongerechtigheid.
Doch in een groot huis zijn niet alleen voorwerpen van goud en zilver, maar ook van hout en van aardewerk, en wel deels met eervolle, deels met minder eervolle bestemming, indien iemand zich nu hiervan gereinigd heeft, zal hij een voorwerp zijn met eervolle bestemming, geheiligd, bruikbaar voor de eigenaar, voor elke goede taak gereed.
Schuw de (lust) begeerte van uw jeugd en jaag naar gerechtigheid, naar trouw, naar liefde en vrede met hen, die de HEERE aanroepen uit een rein hart.

Romeinen 11:22-23
Let dan op de goedertierenheid van God en ZIJN strengheid, over degenen die gevallen zijn door ZIJN strengheid, maar over u goedertierenheid van God, indien gij bij de goedertierenheid Gods blijft, anders zult ook gij weggekapt worden.
Maar ook zullen zij, wanneer zij bij hun geloof blijven, opnieuw geënt worden, God is immers bij machte hen opnieuw te enten.

Jeremiah 32:18,19
O grote, sterke God, WIENS Naam is HEERE (LORD, YAHWEH, IEHOVAH) van de hemellegers, groot van Raad en machtig van Daad, WIENS ogen open zijn over alle wegen der mensenkinderen om aan een ieder te geven naar hun wegen en naar de vrucht hunner handelen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *